Faalangst en hoogbegaafdheid

Er wordt de laatste jaren steeds meer aandacht besteed aan meer- en hoogbegaafdheid in het onderwijs. Ik noem het zelf bewust meerbegaafdheid omdat het beter aansluit bij de Engelse term “Gifted Children” maar ook omdat ik in de praktijk heb gemerkt dat het begrip hoogbegaafdheid nog steeds beladen is en dat heeft soms nadelige bijeffecten zoals bijvoorbeeld ontkenning of verzet zowel van de omgeving als van het kind zelf. Het is goed en nodig dat er aandacht is voor meerbegaafdheid op school. Maar wat vaak wordt onderschat is de link tussen meerbegaafdheid en faalangst. Waarom zou je blokkeren als je zo slim bent? Maar tegenvallende resultaten zijn meestal het gevolg van onderpresteren en dat kan leiden tot faalangst.

Elk kind is van nature leergierig en wil graag laten zien wat hij kan. Wat is er mooier dan blij worden van leren. Maar bij een meerbegaafd kind kan op school een verstoring optreden. Want het is moeilijk om als leerkracht om te gaan met een kind dat intellectueel al veel verder is dan de anderen. Bovendien wordt anders zijn meestal niet geaccepteerd, dus deze kinderen worden vaak gepest en dat is het eerste verdriet van een meerbegaafd kind. Hij denkt “ik ben anders” en “ik hoor er niet bij”. De natuurlijke aanleg voor leergierigheid wordt nu verstoord en vervangen door de behoefte om er wel bij te horen: de kiem voor onderpresteren is gelegd. Daarnaast is de aangeboden stof zover onder het niveau van de leerling dat hij zich ernstig gaat vervelen en stopt met werken.

Deze twee oorzaken die beide tot onderpresteren leiden, zorgen voor verdriet, boosheid en verwarring. Deze verwarring leidt tot op een gegeven moment tot een verstoord zelfbeeld en dit kan weer leiden tot faalangst.
 
meerbegaafdheid
Foto: ‘Presentatie MEDILEX 19 maart 2015 over onderpresteren’
 
 

TERUG